dinsdag 28 februari 2012

Gelukzalig, met hun voorhoofden tegen elkaar* (terminale nacht-thuiszorg)

In een afgelegen boerderij zit ik te waken in een kamertje naast de slaapkamer van mijnheer en zijn vrouw. Het is uitzonderlijk dat mijnheer en mevrouw nog samen in hun slaapkamer op de eerste etage slapen. Meestal wordt een hoog laag bed in de woonkamer neergezet en is er zo de mogelijkheid voor de terminale uitbehandelde cliënt om de gehele dag tussen de mensen te zijn indien hij of zij  bezoek zou willen. ‘s Nachts zitten wij –van de terminale nachtthuiszorg- in dezelfde kamer te waken in een gemakkelijke of vréselijk zittende stoel samen met een schemerlamp. Als er een partner is of andere familie dan is de  bovenetage een plek waar ze iets  afstand kunnen nemen van het sterfbed/ziekbed van hun dierbare. Hopelijk een goede nachtrust  genieten. Moeilijk maar wel een noodzaak, wil je er als familielid niet aan ten onder gaan.
Overdag is niet constant een vepleegkundige, verpleegster of ziekenverzorgster aanwezig, dan ligt de zorg op de schouders van de familie. Vaak is er wel een vrijwilligster Palliatieve Zorg, die iets helpt te ontlasten en uit handen nemen.

Bij deze mijnheer en mevrouw is het anders. Ze willen tot het laatst toe samen slapen. Ik zit in een kamertje ernaast, rechtop in een tuinstoel, mijn benen kan ik op een krukje leggen. Er staat- heel verleidelijk, vooral bij slaapgebrek- een bed. Het bed gebruiken? Nee, mag niet, ik doe waakdiensten. De opgevouwen plaid bovenop gebruik ik wel. Rond drie uur kan het flink afkoelen, dan is een plaid over mijn benen wel lekker behaaglijk. Op het bed heb ik een uitstalling van: het Zorgdossier, de Happinez, een schrijfboek, pennen, broodtrommel, zakje met worteltjes, flesje water, theezakjes, beetje wiener- mélange oploskoffiepoeder, warme geitenharen sokken, toffels, mijn gsm en mijn werkboekje met o.a. de telefoonnummers van huisartsenpost, achterwacht en hospice. Mevrouw heeft ook wat Libelles voor mij neergelegd. Beneden in de keuken mag ik water koken voor thee en oplossoep. Koffie zetten mag ook.
Ik zit rechtop als een soldaatje op wacht te luisteren. Bij vorige nachtdiensten hier, klingelde mijnheer heel zachtjes met een belletje als hij mij - de zuster - nodig had. Op mijn tenen liep ik dan zijn kamer binnen om mevrouw niet te storen.

Maar vanavond: ‘zuster loop maar gerust de gehele nacht de kamer in en uit, het gaat niet goed met mijn man. Zelf neem ik een slaaptablet en hoop eindelijk eens door te kunnen slapen.’ Mevrouw wou ondanks het vaak tegelijkertijd wakker zijn met haar man, toch beslist niet apart slapen.
In lief en leed geldt bij dit echtpaar echt: ’tot de dood ons scheidt.’



zondag 26 februari 2012

Borstkanker is verleden* ( gedichtsel )

Vertrouwen.

Zeven jaar geleden
het voelt soms nog
als heden
aan het werk
belletje op mijn gsm,
mijn huisarts …
of ik gelijk wou komen,
zorgenbarende  mammografie.
Ik dacht: 'rustig blijven'
'Bevolkingsonderzoek heeft dus zin'
en bleef aan de slag.

Dàt had je gedacht.

Langzaam spoelen 
vastplakkende beelden
van een leger kwade, onaardige
mijn lichaam opvretende cellen
paniekaanjagend buikpijnkrampend
door mij heen, misselijkmakende
angstbeelden krijgen mij in hun klauwen,
duwen mij in een andere realiteit.

Werk is niet meer te doen.
Contact met het Zorgkantoor,
vervangster en naar huis.

In de haven ligt een schip
op de boeg
in grote gouden letters
Vertrouwen.

Afschuw voor wat zou kunnen zijn
bijna niet te dragen
weet niet wie te bellen,
eenzaam,
alleen
wil niet om meer ongerustheid vragen
Vertrouwen versus doemdenken.

zaterdag 25 februari 2012

Onvoldoende woorden


Woorden schieten vaak zo te kort, dan rest slechts om te zeggen en nonverbaal te laten merken dat we verbinding voelen en meeleven met allen die getroffen zijn door oorlog, geweld, ziekte en met allen die in coma liggen en alle families die de toestand van hun dierbare zo pijnlijk bewust moeten aanzien.

Ik leef mee met de Koninklijke familie die gisteren afschuwelijk nieuws heeft vernomen over hun zoon, man, vader, broer, neef, oom, schoonzoon Friso. Ik leef mee met de mevrouw op mijn werk die van de week een CVA kreeg en nu plat in een verpleeghuis op bed gevloerd ligt, sondevoeding krijgt terwijl ze iemand was die alles zelf wou doen. Ze was zo speciaal met haar ‘humor’ al maakte ze het ieder soms erg moeilijk.
Zowel prins Friso- zo ik las- als die mevrouw waren/zijn bedachtzame eigenzinnige mensen. Ik hoop- tegen beter weten in?- ik hoop want ik geloof in wonderen, dat die eigenzinnigheid zich in hun hersenen gaat manifesteren en dat nieuwe cellen zich gaan vormen. Ik denk aan het boek  Onverwacht Inzicht door Jill Boyle Taylor.  Dit boek gaat over het waargebeurde verhaal van een neurologe-Jill- die een ernstige hersenbloeding kreeg en na een jarenlange revalidatie tegenwoordig weer haar lichaam kan gebruiken, kan praten en zelfs speeches houdt voor volle zalen. Wonderen bestaan. Het zijn mijn hersenen die nu zeggen: “Nee, niet als iemand een  zo vreselijk ernstige hersenbeschadiging  als die van Friso heeft. Nee, niet als het lichaam zo lang geen zuurstof heeft gehad.”
Mijn hart wil er wel in geloven, ook al is revalideren een lange weg die het leven soms onaangenaam maakt. Jill Boyle geloofde. Ik geloof met haar mee.
Ik wens de familie heel veel sterkte toe. Nu steek ik een kaarsje aan, want het is al wat ik kan doen en adem rustig in en uit, in en uit.


dinsdag 21 februari 2012

Mijn vrijheid van meningsuiting*




Ik ga van dit blog geen politiek getint blog maken. Integendeel! Op welke partij ik stem is niet van belang in dit schrijven. In bijna iedere partij herken ik iets van mijzelf.
Ik stem voor verdraagzaamheid, Ik stem voor elkaar niet belachelijk maken en elkaars waarde zien. Ik stem voor constructieve oplossingen vinden: kijken naar elkaars kwaliteiten in plaats van te kijken naar wat iemand niet kan. Een mens is meer, veel méér dan zijn of haar fouten. Ik stem voor verbondenheid.
Trouwens, ik weet nog niet op wie en waarop ik bij de volgende verkiezingen ga stemmen, daarom laat ik nu maar eens mijn stem, op een andere manier dan in het stemhokje, horen cq lezen.

Er drukt wat zwaars op mijn hart.

Een hele nette mijnheer is uit de politiek gestapt, nadat er teveel op hem is gehakketakt en over hem heen is gewalst. Het doet mij veel.
Vreselijk vind ik dit. Vréselijk, dat het Binnenhof-vanuit mijn perspectief- langzamerhand op een speeltuin gaat lijken. Elkaar zwart en belachelijk maken om maar je gelijk te halen? Om maar te winnen? Hard spel. Waarom toch? Waarom kan er geen diplomatie in de politiek zijn? Ik besef dat iedere politieke partij een bevolkingsgroep vertegenwoordigt en dat al die partijen samen het moeilijk hebben met elkaar èn de beloftes gedaan aan de kiezers. Zware klus.
We leven in een land waar het mogelijk is om zoveel meningen, zoveel partijen te hebben.
Dat is een kostbaar goed en daar moet je zorgvuldig mee omgaan, in een groot gezin moet ook ieder tot zijn of haar recht komen op een beleefde manier. Echter, ik zou ook niet weten hoe te regeren of oppositie te voeren.

 Maar wat ik wel weet en voel? Bitter gevoel zwoegt zich door mijn aderen. Bah! Een mooi, integer mens is onderuitgeschopt, zo voelt dat voor mij. Hij is zichzelf gebleven. Waardig is hij weggegaan. Dat vind ik wél mooi. Maar hij was niet hard genoeg? Hard genoeg om het bekvechten om te polen? Verdorie, al dat gekibbel. Het gaat toch om regeren? Moet dat altijd gepaard gaan met zoveel gedoe?

zondag 19 februari 2012

Onze Bruggenbouwers*


Nu Prins Johan Friso op de intensive care ligt en zijn moeder, vrouw, kinderen, broers en verdere familie zo vreselijk bezorgd zijn en gespannen over hoe het verder zal gaan met zijn gezondheid -en dus zijn leven - lees ik naast meelevende woorden tevens woorden over ons koninklijk huis waar ik soms naar van word. Heb nou eens empathie / leef je eens in, heb mededogen.  De leden van ons koningshuis  kunnen er niets aan doen dat ze koninklijk zijn. Want dát zijn ze!

Waar de Familie wél wat aan doet, is ons aller Nederland cachet geven. De leden doen zo hun best, maar ja, niemand kan het  ieder naar de zin maken. Niet iedereen staat er voor open.
Onze Vorstin en haar opvolger Prins Willen Alexander met zijn Maxima zijn véél meer dan alleen visite kaartjes, ze vertegenwoordigen ons land in het buitenland. Ze zijn super ambassadeurs, representatief, vriendelijk, beleefd, liefdevol, vredelievend, attent, inlevend en intens diplomatisch naar ieder en zeker naar staatshoofden van andere landen toe  zorgen zij ervoor dat ons land in een goed daglicht staat. Zij zorgen ervoor dat er handelsbetrekkingen tussen ons land en andere landen zijn. Op een respectvolle wijze worden deze nageleefd. Ons staatshoofd is heel goed in het binnenhalen van nieuwe opdrachten! Zonder, zou Nederland er  financieel nog slechter aan toe zijn. Kunst en cultuur worden over en weer uitgewisseld als geschenken vol schoonheid en diplomatie. Muziek is vredelievend, vredebrengend en zo helend. Soms vraag ik me af wat er zou gebeuren als de grootste orkesten van de wereld in plaats van soldaten naar oorlogsgebieden zouden worden gezonden. Hm, simpele gedachte? Naïef? Ik ga er toch eens een verhaal over schrijven. Zonder verbeelding komt men nergens. Misschien lijkt de manier waarop Koningin Beatrix haar werk doet wel op wat ik in gedachten heb. Misschien dat zij niet eens hoeft te onderhandelen, en is het bezoeken van een concert, museum of moskee voldoende om een handelsafspraak nadien kwasi achteloos af te spreken?
Maar het meest belangrijke is het inter-menselijke contact op een respectvolle communicatieve manier die opbouwend is. Dat kan ze goed, onze koningin. Mag ze daarom nu alsjeblieft moeder zijn, verdrietige, onzekere moeder samen met Mabel? Zonder oordeel!

Stel je eens voor dat we alleen een president zouden hebben. Een president heeft-voor mijn gevoel- écht geen tijd om uitgebreide bezoeken af te leggen en te onderhandelen. Die heeft om de zoveel jaar zijn handen vol aan verkiezingen en te kort tijd om echt te regeren. Niets mis met een president- zolang hij maar geen dictator is- maar wij hebben een méér stabile factor, onze koninklijke familie.
De koningin heeft het overzicht over al die jaren, premiers die kwamen en gingen geven haar een wijsheid die zo waardevol is. Haar oudste zoon zal dit vast meekrijgen.
Daarbij is er dankzij het koninklijk huis heel veel werkgelegenheid, het geeft  banen en salarissen. Denk daar eens aan!

dinsdag 14 februari 2012

Zoekplaatje- Verborgen vrouw & man in kleurrijk landschap* (schilderwerkje)

                                            Gemengde technieken, wax & acryl op    correspondentiekaart/papier                                                                                         
                                                                       11 bij 15 cm

Mijn Valentijn (gedicht)



Met de liefde zit het wel
goed, zei een neef
terwijl jij en ik elkaar omarmden
tussen het verdelen van onze spullen
door.

Je ging weg.

Met de liefde zat het wel
goed, maar bij en met elkaar
lukte
niet
          meer.

maandag 13 februari 2012

Het Institut Néerlandais te Parijs*





Vanavond stuurde mijn oudste zus mij deze link: http://www.nrc.nl/boeken/2012/02/13/zwanenzang-van-het-franse-huis-voor-schrijvers-uit-de-pays-bas/. Ik las het en zit nu met een door de schrik snelkloppend hart. Mijn gedachten zijn- voor de tweede keer deze week-  in Parijs en ik weet niet waar ik het zoeken moet. Ik kan het niet geloven. Ik wist dat het slecht ging, maar dat de bezuinigingen zó erin zullen hakken? Nee. Maar het was te verwachten. Zou er met mijn vader over willen praten, maar mijn vader is overleden en eerlijk gezegd ben ik blij dat hij de neergang van het Institut niet hoeft mee te maken. Het I.N. is zo met mijn jeugd verweven. Mijn vader, die samen met Frits Lugt, Sadi de Gorter en Annelys Meijer aan de wieg van het Institut als-oudste- Nederlands Kunst en Cultuur Huis in Frankrijk heeft gestaan, nam mij er regelmatig mee naar toe. Nee, ik was niet één van de vele schrijvers die daar sprak, ik was nog een kind. Wel heb ik er mijn eerste centjes verdiend door uitnodigingen in geadresseerde enveloppen te doen en te frankeren met een prachtig rechtgeplakte postzegel. Uitnodigingen voor een concert, lezing of expositie. 'Een zeer belangrijke taak' zei mijn vader, die ik uiterst secuur moest verrichten. Ik vond het bere interessant.
De eerste tentoonstelling van Escher herinner ik mij nog goed, zo fascinerend vond ik zijn werk. Deze expositie maakte dat ik weken later nog droomde van vissen die in vogels veranderden, trappen,watervalletjes en gebouwen die niet klopten maar toch weer wel. In de onlogica zat een logica die mij intens boeide en die mijn ziel als waarheid herkende zonder het te kunnen verwoorden.
Verder zijn mijn herinneringen aan schrijvers, schilders, musici vaag. Ik herinner mij voornamelijk de sfeer. Muziek en stilte. Gelach en gepraat. Het I.N. had en heeft het stille dat een kerk kan hebben maar dan met een saus van blije verwachting.

dinsdag 7 februari 2012

Power Point Parijs*



In mijn mailbox zit een Power Point presentatie over Parijs.

Door in mijn jeugd, onder andere, in Frankrijk te hebben gewoond, namelijk in een voorstadje van de lichtstad, geeft  iets zien, lezen, ruiken en/of horen van dat land en haar hoofdstad mij een thuisgevoel. Maar van Parijs houden? Ik, die een natuurmens ben? Ik vind Parijs prachtig speciaal,   doch tevens een te drukke volle stad hoewel er 
best veel groen is, maar te veel auto's en zóveel mensen die altijd haast lijken te hebben. Maar toch ...

Ik open de mail en laat de foto’s de revue passeren. Yves Montant zingt de plaatjes van de mij  vertrouwde historische gebouwen en plekken aan elkaar. Parijs. Paris.
Langzaam bevangt mij een zo intens droefgeestig, nostalgisch gevoel dat mijn borst er pijn van doet. Als een mokerslag komt het besef dat een deel van mij zich, ondanks veel, Française voelt en dat mijn tijd in Frankrijk voorbij is.Voorgoed.

vrijdag 3 februari 2012

Jaydees eerste keer (kinderversje)




Het kattenluik
gaat open
ik mag in de tuin gaan lopen
Voorzichtig stap ik naar buiten
op vogeljacht, hóór ze fluiten.
Wazda? Kou aan mijn pootjes
één voor één til ik ze hoog op
kuukel bijna voorover op mijn kop,
het witte kraakt als het breken van nootjes.

Ik zak iets weg in het koude zachte
hoorde ik nou het vrouwtje die mij uitlachte?
Ijverig  krabbel ik door het knisperende krakende witte spul
als een hond die een bot begraven wil
het maakt me baldadig, het maakt mij blij
brrr kkoud maar toch beweeg ik mij
                                                             frank en vrij.
             

 Kijk Jaydee, kijk                         
 omlaag en omhoog
      mooie ijskristalletjes,   '                           
                 de zon tovert ze           
                         briljantjes schitterend                                                                                
                               alle kleuren van de regenboog.'