zondag 30 december 2012

Hoe komt het toch? (lap tekst over schrijven en met pensioen zijn,het overlijdan van vis Joy, musical en een doos Merçi




Hoe komt het toch dat, sinds ik dertig november met pensioen ging, ik nauwelijks heb geschreven/geblogt? Dit, terwijl er van alles gebeurde waarover ik zou kunnen schrijven. Dagen met gouden randen wisselden elkaar af met dagen met een rouwrandje. Waarschijnlijk lukt het me niet om te schrijven omdat er een vorm van schaamte in mij huist dat ik –nu ik niet meer hoef te werken- moeite heb om mijn draai te vinden? Dit, terwijl er mensen zijn die werkeloos zijn, of die maar wat graag zouden willen stoppen met hun baan.



Iemand zei: ‘ richt je op de toekomst.’ Tja, als ik aan de toekomst denk dan ben ik over vijftien jaren-bij leven en welzijn- tachetig jaar. Ik ervaar het als een blokkerend gegeven. Al ben ik niet iemand die haar geluk laat afhangen van het aantal verjaardagen en zichzelf geen tijd van leven aanmeet, dan toch geeft dit nieuwe leven, dit nieuwe begin mij het besef dat ik aan het begin van mijn laatste en waarschijnlijk kortste levensfase sta. Verdorie, dan zou ik mijzelf juist bij de lamlendige lurven omhoog moeten hijsen en laten schrijven. Mijzelf uit deze impasse schrijven, zoals ik in het verleden zo vaak regelmatig deed of schilderde. Dat 'kloten'boek schrijven dat ik mijn leven lang wou schrijven? Steeds maar uitstelde? Pff, here she goes again. NU weer? Accepteren dat ik er de guts niet voor heb? Trouwens, ik wil geen klotenboek schrijven. Als ik ooit voorbij die eerste bladzijden gepen kom dan wens ik dat het een steengoed boek wordt, maar ... (zucht) boeken worden niet meer geschreven. Wel e-books en daar doen we niet aan. Ik vind mijn Blog al digitaal genoeg. 
(Gutteguttegut. Mevrouw zit het al weeeer in te vullen  hoe dat boek/e-book zal zijn.)

Ik mag en kan (kan ik het?) mijn  leven nu zelf invullen. De  weg naar de toekomst is er eentje die ik stap voor stap zelf moet nemen, of niet. Verpieteren is de optie die overblijft indien ik geen stappen neem, of ik zou er voor moeten kiezen om geen stappen te nemen.  Of ...niet  kunnen nemen omdat mijn heupen niet van je heup heup hoera verder gaan door een ontsteking bij mijn rechter heupgewricht.

_________________________________________________
 Over mijn kinderen, wijlen Joy en Jaydee


Tot nu toe ben ik tamelijk geleefd afgelopen maand. Zoals ik al schreef: dagen met een gouden rand waarin mijn hart overloopt van dankbaarheid wisselden elkaar af met dagen voorzien van een rouwrandje. Dat mijn veertienjaar oude  vis- een  zilverwitte sluierstaart van dertig centimeter- op mijn vijf en zestigste verjaardag- plotsklaps overleed is me niet in de koude kleren gaan zitten. ‘Kun je van een vis houden?’ vroeg iemand mij. Ja dus, vooral als deze steeds tammer wordt, mijn hand inzwemt, uit mijn hand eet en me komt begroeten door mijn kant op te zwemmen in de ochtend. Nee, niet alleen om te eten. Hij nestelde zich in mijn hand en gaf zuigzoentjes aan iedere vinger. Hoe bijzonder is dat! Hij was een huisgenoot.

 Mijn poezebeest Jaydee mist Joy-zo heette mijn vis- ook. Oké, het was een jagen dat Jaydee deed als ze bovenop de – door een lamp warme deksel van het aquarium ging liggen. Samen hadden ze een spel. De vis zwom omhoog in de richting van Jaydee heen. Ze volgden elkaar, maar het was Joy die Jaydees kop volgde. Ik werd er blij door. Nu is er leegte en rust in het aquarium. Behalve de bubbeltjes van de zuurstof, langzaam bewegende planten en het schichtige snelle over de bodem en langs de ruiten bewegen van de twee overgebleven vissen- twee algeneters met de respectabele leeftijd van  negen jaar is er niet veel meer aan. Joy stal de show. De bak is een Zen aquarium geworden. Toch wel mooi. Ondertussen ontstaan er mini slakjes vanuit het niets. Waarschijnlijk werden ze anders door Joy opgegeten. Ik zag niet vaak een slak. Ik zou mijn vader-die veel over slakken wist te vertellen- willen vragen hoe die mini slakjes ontstaan.
Mijn vader is er niet meer. Ik miste hem deze kerst. Deze kerst die ik alleen met mijn kinderen wou vieren. Alleen de antwoorden die hij me ooit gaf of dat wat hij schreef (hij kon wel boeken schrijven) geven mij respons op mijn vragen over slakken.

Mijn kinderen waren er op mijn vijf en zestigste verjaardag –verdorie, daar ga ik weer van de hak op de tak- zij kenden Joy nog uit hun jeugd. Echter, het is pas na het uithuisgaan van mijn dochter en een dikke maand later het overlijden van mijn twee oude poezebeestjes dat ik met Joy een hechtere band kreeg. Het valt niet uit te leggen. Misschien dat ik het zou kunnen, maar ik waak ervoor mij te kwetsbaar op te stellen. Misschien dat dit een reden is dat het me niet lukte om deze maand veel te Bloggen.

Hm, ik ga met terugwerkende kracht Allerzielen vieren. Kaarsjes aansteken voor alle overleden mensen en dieren die ik mis. Dat doet goed. Was ik daarnet, Potnapekka nog aan toe, vergeten dat mijn laatstlevende tante in november was overleden. Wou haar bellen. Bij het kerngetal bedacht ik me: ‘shit, ze is overleden.’ Dit gegeven is nog niet bij mij ingedaald. Waarschijnlijk omdat ik het niet kan bijbenen. Zo komt het -vermoed ik- dat mensen die aan het dementeren zijn en alle overlijdens niet konden bijbenen op een gegeven moment niet meer weten wie er wel of niet in leven is? Zou kunnen. Dan ben ik aardig op weg. Hahaha.

Aan Joy denken is aan vreugde denken. Joy bracht vreugde en die blijheid zit nog ergens in mijn hart. Dank dat je in ons leven was, Joy.

De dag van het overlijden van mijn vriend de vis, was ook de dag dat mijn kinderen mij hielpen met het aquarium. (Was ik blij dat ik de dag ervoor mijn verjaardag had gevierd.) Tussen de zooi door moest ik gaan zitten en kreeg van mijn kinderen een papier met: Voor lieve moeders, vijf en zestig jaar jong, een musical naar keuze samen met beide kinders. Mmmmm, dankbaar. We zijn er nog steeds niet uit naar welke musical we zullen gaan. Ik vind het een topcadeau, waar ik intens blij van word, vooral omdat het van mijn kinderen is.


Dan … zoonlief geeft mij een doos Merçi chocolade, ook namens dochterlief. Kijkt me diep in de ogen en zegt: ‘Merçi dat jij er bent, Mam en dit is voor bij de koffie.’ Zo immens lief met een hoog smeltgehalte! Deed goed en doet goed. 

Dank je kinders. Jammer dat ik niet meer over jullie mag schrijven.


Geen opmerkingen: