zaterdag 5 april 2014

De meterstanden*




Zo, ik heb mijn administratie gedaan. Alles tip top in orde. Formulieren in mappen, mijn ‘te doen ’ordner is leeg en mijn te doen schriftje heeft krulletjes voor ieder onderwerp wat ik moest afhandelen. Orde in mijn administratie is orde op mijn eettafel en orde in hoofd en huis. 
‘Met ingang van nu - gelijk als er iets binnenkomt - afhandelen, Til’ spreek ik streng met mezelf af. Ik ben van plan mij er echt aan te houden. 

Nu lekker de tuin in. De lente zomert.

Er valt iets door de brievenbus. Een brief? Een kaart? Nee, mail van het energiebedrijf waar ik bij aangesloten ben. Of ik de meterstanden wil invullen en doorsturen. Wil ik wel, maar nu niet. Terwijl ik de kaart in mijn lege map wil doen en mijn te doen schrift er al bij hebt gepakt, verman ik mezelf. ’Kom op,Til, je zou niet uitstellen.’

Oké dan. 

Heb jij, lezer, ook zo'n hekel aan het lezen en invullen van de meterstanden? Ik wel. Vooral omdat het een jaarlijkse fysieke test is van lichaam en ogen. Gisteren heb ik mijn lichaam danig op de proef gesteld door een fikse lange wandeling te maken, in de schuur van alles te sjouwen en later met mijn twee kleine buufvriendinnen en hun moeder mee naar kickboksles. Of ik wou komen kijken veranderde in: ‘moeders, oma’s en buurvrouwen ook mee doen.’ Push ups, sqwats, snelle buikspieroefeningen en als boksbal dienen voor voorzichtige maar ook stevige kinderhandjes die vol overtuiging de volwassenen beboksen. Gelachen en me niet laten kennen.

Vanmorgen was mijn lijf erg stijf. Met behulp van een stok kwam ik overeind in bed en nog steeds voel ik mijn artrose heupjens. 

De meterstanden.

Het gangtafefeltje schuif ik opzij. Een wajangpop valt er bijna af samen met inzichtkaartjes. Ik lees: ik moet niet altijd, ik mag wel eens.



Wahahaha. Tóch zal ik mijn eigen meterstanden moeten aflezen. Het tafeltje duw ik voorzichtig verder weg van de meterkast. Wat heb ik er veel op liggen. Kaboem, de schemerlamp pleurt naar beneden en blijft aan het snoer hangen net boven de vloer als een bungeejumper boven de aarde. Een engelkaartje dwarrelt sereen mijn irritatie binnen ‘gebruik uw wilskracht bewust en wijs’ is dit keer de boodschap. LOL. Gepiel met de lamp die met het strakgespannen snoer bijna weer omvalt nadat ik hem rechtgezet heb op Het boek der antwoorden (die ligt altijd op het tafeltje.) Net zoiets als inzichtkaarten. Maar dan in boekvorm.


Ooit zal ik elektriciteitssnoeren leren verlengen. 

Alles is voor de ingang van de meterkast weg behalve een diertje dat rustig blijft zitten. ‘Dag spin. Ga eens opzij, anders doe ik je naar buiten.’ De meterkastdeur heb ik open. Ik tuur. Verdorie, wat is het toch lastig zien. Eerst de elektriciteit meters aflezen. Vergrootglas en zaklamp erbij terwijl ik in een halve kniebuiging blijf hangen. Goed kijken, goed lezen en -waar zijn mijn pen en die meterkaart gebleven?-noteren. Controleren en nog eens controleren. Genoteerd. Mijn gewrichten zijn stroef, stijf en pijnlijk. Ze knerpen als lopen in de sneeuw.
Dan is de gasmeter aan de beurt. Onderaan in de smalle kast. Ik buig wat dieper door de knieën. Nee, het lukt me nog niet.Gewrichten, spieren en ogen sputteren tegen. De cijfers zijn nauwelijks te zien van bovenaf.

Dan maar op mijn buik.

Languit op de grond schuif ik als een militair in oorlogsgebied zo dicht mogelijk naar de meter toe. Verdorie, ik kan net niet bij mijn vergrootglas en zaklamp. Dus draaien maar in de krappe ruimte en weeeeer langzaam overeind komen nu als een stramme bejaarde, om even later wederom op de grond te liggen. Pff … ik denk aan mijn vader die dik in de negentig nog allerlei andere engere klussen deed. ‘Leeftijd speelt geen rol.’ Spreek ik mezelf, mijn stijve gewrichten en pijnlijke spieren toe. Zesenzestig jaar jong is niets. Er flits door mijn hoofd dat ik bij leven en welzijn over veertien jaar tachetig jaar ben. Oei, wat klinkt dat oud. Hoe dat voelt weet ik gelukkig nog niet.

Mijn poezebeest is er nieuwsgierig bijgekomen en klimt op mijn rug. Ook haar spreek ik toe: ‘ga weg, Jaydee.’ Spinnend doet ze het tegenovergestelde en installeert zich zwaar en warm in het holletje van mijn onderrug net boven mijn billen.

De meterstanden. 

Ja, ik heb de gaststand nu ook- na veel getuur en gehannes met het vergrootglas - genoteerd. Ondertussen heeft Jaydee zich verplaatst en zit zich tussen mijn schouderbladen te wassen. 

Ben ik even blij dat de watermeter tegenwoordig van een ander bedrijf is ...

Languit blijf ik een paar minuten uitpuffen luisterend naar Jaydee's gespin dat ik kalmerend voel weerklinken in mijn lijf. Zennnnn. Mmmm. Dan wiebel ik heen en weer als een zeehond op het land en kieper Jaydee van me af om dan moeizaam draaiend op te staan. Goed zo, Til. Tafeltje gelijk terug. Spullen er weer op. Lamp op zijn plek. Computer aan. Direct dit karweitje afhandelen en online de meterstanden invullen.
Mispoes. Geen verbinding. Dan maar naar Word en dit stukje schrijven. Dat plaats ik later wel of niet in mijn Blog.

Succes met het aflezen van de meterstanden, lezer.



Geen opmerkingen: