vrijdag 22 augustus 2014

Een vriendelijke samenleving



Het is fijn dat er mensen zijn die elkaar dankbaar en blij kunnen maken. Bijvoorbeeld in het boodschappencentrum verderop, waar de meesten elkaar vriendelijk begroeten. Wekelijks doe ik er mijn boodschappen. Nadien ga ik aan de leestafel van de supermarkt zitten om er een bakkie koffie te drinken, de kranten die er liggen door te spitten en een praatje te maken met wie er zit. Vaak gaat het over dat wat er in het nieuws is. Dit keer konden we weinig zeggen. Het is te erg wat er elders in de wereld heeft plaatsgevonden. Barbaarse afschrikwekkendheid. De kleur oranje heeft er voor mij een betekenis bij gekregen. Ik zal vast de enige niet zijn die het niet zal vergeten. Het beeld van de in het oranje geklede Amerikaanse journalist, die rechtop op zijn knieën ‘stond’ naast de in het van top tot teen in zwarte kleding gehulde beul met mes. De blauwe hemel en een stuk woestijn. Verder heb ik gelukkig geen beelden meegekregen. Mijn gedachten duwen het al ademend weg. Zo verschrikkelijk afgrijselijk.

Waarom? Waarom al dat geweld? 
Waarom via geweld zoveel leed veroorzaken om een ideologie na te jagen. Waar is de liefde? We ademen toch allen dezelfde adem? Alle religies komen toch uit dezelfde bron? Liefde?

Ademen. Leven hier op Aarde. Zo bijzonder en zo met meer dan de voeten getreden. Onze mooie blauwe planeet. Ons paradijs en/of onze hel?

Verdrietig liep ik mijmerend over een vriendelijke samenleving naar buiten. Bijna een jaar geleden kwam mijn droom over vriendelijkheid in Het Droomboek als inspiratie voor het nieuwe koningspaar en wie het lezen wil. Een naïeve droom? Moeten we dan al onze dromen maar opgeven? Ik denk dat het juist nu belangrijk is om te blijven dromen en je droom te blijven leven zonder schade te doen? Althans dat probeer ik, anders ga ik ten onder aan alle negativiteit en angsten die worden gevoed door het dagelijkse nieuws. 

Rechts van het boodschappencentrum staat een bestelbusje van Post.nl. Ik verwacht  een bestelling. Misschien komt het vandaag bij mij thuis? Ik zwaai naar de postman en hij zwaait terug met direct erna een ‘kom eens hier’ gebaar.
‘Ik heb wat voor je.’
‘Hoe is het mogelijk?Hier? Een pakje van Cool Blue?’
‘Yep.’ En de man tovert het blauwe doosje na enig zoeken in zijn busje tevoorschijn.
Het pakketje aannemend glimlach ik blij:’ Ik vind het bijzonder knap dat u weet welke naam en adres bij mij hoort, zo vaak komt u niet bij mij aan de deur.’ 
Tegelijkertijd tutoyeer ik ook:’ Hoe is je naam eigenlijk?'
‘Henk.’
‘Oké, Henk. Mijn naam is ...’zeg ik ten overvloede.
‘Ja, die weet ik toch?’
Dan zeg ik: ‘Zeg dan maar Tilly. Dag Henk, bedankt, he.’
Henk van Post.nl you made my day en doet me ondanks het wereldnieuws toch weer meer geloven in een vriendelijke samenleving. In gedachten verbind ik mij met de vele mensen die vorig jaar dromen instuurden voor Het Droomboek. 
Laten we alsjeblieft  mooie dromen blijven dromen. Láten we maar naïef overkomen. Wát is er naïef? Alles was ooit een droom, een gedachte voordat het werkelijkheid werd. Zowel een geweer, een mes als een ploegschaar, een telefoon, de computer waarop ik tik of wat dan ook.










Geen opmerkingen: