maandag 17 november 2014

Met de pen op papier schrijven





Met de pen op papier een brief schrijven.
Brieven schrijven vind ik heerlijk.
Rustig met de hand de pen laten gaan,
geen haast hebben. Vervolgens de brief op de bus doen.
Misschien een respons krijgen binnen een maand.
Een handgeschreven brief leeft
of de persoon wel of niet overleden is maakt niet uit,
een brief brengt iets van de unieke energie van de ander.
Alsof hij of zij er weer even is.

 Dit heb ik sterk bij het handschrift van zowel mijn vader als mijn moeder, maar ook met dat van mijn zussen. Het is bizar, maar met de handschriften van mijn kinderen ben ik minder vertrouwd. Dat komt omdat zij volop in het digitale tijdperk zijn opgegroeid, waarin een kaart of een brief zelden door ze wordt geschreven en verstuurd. Toch word ik er heel blij van als er eens een kaartje komt. Een vriendin en ik hebben een kaartencorrespondentie. Heerlijk.

Maar brieven? Samen met het overlijden van mijn vader is het vallen van handgeschreven brieven op mijn deurmat uit mijn leven verdwenen. Die correspondentie was het hechtste contact. Soms krampt mijn hart omdat ik zijn brieven- gelardeerd met grappige tekeningetjes- zo mis. 

In NRC Boeken stond kortgeleden een artikel over het schrijven met pen op papier. Inclusief een oproep. Mijn hart ging sneller kloppen en een grijns verliet mijn gezicht niet.
Een wedstrijd. Schrijf een brief van maximaal vierhonderd woorden naar een bekend persoon, overleden of levend. Sindsdien werken mijn hersenen op volle toeren. Zal ik meedoen? Aan wie schrijven?

Marin Luther King en Wilders komen gezamenlijk op. Aan Wilders schreef ik al eens een corrigerende brief in mijn Blog. Daarom geen brief aan hem.
Ik schrijf en herschrijf. Vanmiddag wil ik mij er echt aan geven en de boel op de schop zetten. Doch, helaas pindakaas … te laat. Tot 17 november – dat is vandaag- konden brieven ingezonden worden.

Toch ga ik hier een brief aan een overledene plaatsen.


Geachte heer King

Nu ik eindelijk de kans krijg om u een brief te schrijven, klap ik dicht. Gezien ik door omstandigheden kort van stof móet  zijn, lukt het mij niet om mijn gedachten snel uit  te kristalliseren. 

Uw droom.

Uw droom is gedeeltelijk waarheid geworden. Gedeeltelijk nog niet. Laat ik het zo stellen dat op dit moment vele mensen op de hoogte zijn van wat er wereldwijd gebeurd en ik kan u vertellen dat dit weten menig van ons kwelt. Vooral omdat in de Tweede Wereldoorlog mens onterende afgrijselijke walgelijkheden plaatsvonden. ‘Niemand wist er destijds echt van.’ En nu? Wij hebben vele moderne middelen tot onze beschikking om à la minute op de hoogte te zijn van wat er op welke plek in de wereld dan ook, gaande is. 

Het geeft mij - en ik ben de enige niet- een machteloos gevoel. 

Toch leeft uw droom nog steeds en vooral uw woorden: I have a dream 

Wat zou u op dit moment als droom hebben? Wereldwijd kunnen of mogen vele kinderen nog niet naar school gaan. In sommige landen mogen jongens mogen wél naar school, meisjes niet. Anderzijds zijn er veel landen waar iedereen, jong en oud, jongen of meisje onderwijs genieten.
Soms vinden kinderen het recht en de plicht (ja ja, in Nederland bestaat leerplicht) zo vanzelfsprekend dat ze te veel  -vind ik- aan het bakkeleien zijn over hun vrijheid van meningsuiting om die vrijheid te pas en te onpas op soms on -respectvolle wijze te spuien. Wat zou u eraan doen, mijnheer King? 

Wat zou u doen aan de zwarte pieten discussie? Ook ik vind het vreselijk dat er slavernij was/. Dat een verkleedpak doet denken aan die tijd ben ik mij pas de laatste jaren bewust geworden. Maar ja,  waarom een nationaal kinderfeest bezoedelen door te protesteren in die tijd, waar kinderen bij zijn?

Zelf probeer ik niet te veel slaaf van mijn gevoel te zijn.

Een zo groot iets als de slavernij. Misschien zou er in het collectieve geheugen een plaatsvervangend vergeef ons moeten en mogen zijn vanuit onze voorouders naar de voorouders van mensen die als slaaf zijn gebruikt.Maar geldt dit dan niet voor alles!

Zijn we niet allemaal slaven geweest? Negatief en positief discrimineren vind ik namelijk ook een vorm van slavernij.


Mijn wangen kleuren rood dat u, mijnheer King - die zo uw best deed om gelijke kansen te scheppen voor mensen ongeacht afkomst en huidskleur- u zich waarschijnlijk achter uw oor krabt. Maar toch, mijnheer King, leeft uw droom voort. En hoe?
Andere dromers vulden uw droom aan zodat deze evolueerde. Zo is er een dapper Pakistaans meiske dat zich heeft ingezet voor het recht om jongens én meisjes naar school te laten gaan. Kennis schept mogelijkheden om uit armoede te komen, werk te vinden en daarom is het ook een kans om misbruik op welke manier dan ook zo veel mogelijk te voorkomen, hoewel in dit land, ook mensen met diploma’s in deze tijd moeilijk aan werk komen. Te erg vind ik dat! Seksueel misbruik is er tóch, waar dan ook. Ondanks onderwijs.

Maar, zolang we mooie gedachten dromen is er hoop.

Malala Y. is haar naam. Zij kreeg de Nobelprijs van Vrede! U kreeg kogels op u afgevuurd en liet daarbij uw leven. Tientallen jaren later kreeg ook zij kogels in haar hoofd omdat er mannen zijn die bang zijn voor meisjes met pennen die kunnen lezen en schrijven. Echter, zíj leeft nog! Ik zou u willen vragen om haar het vertrouwen, het doorzettingsvermogen en de bescherming te geven om haar levenswerk - samen met alle mensen van goede wil die haar steunen- te leven en te helpen uitdragen.
Moge de gedachte aan u en vele anderen Malala de kracht geven om door te gaan en een voorbeeld te zijn voor wie dan ook.
De gedachten tollen door mijn hoofd, maar ons onderonsje is voorbij. Help mij alsjeblieft ook om te blijven dromen. Help ook mensen te laten inzien dat zij zichzelf niet negatief mogen discrimineren. 

Met vriendelijke groeten,

Tilly Kuiper

PS Ja, zoiets zou ik geschreven hebben aan Martin Luther King indien ik mee had gedaan met die NRC wedstrijd. De tijd ging mij weer eens te snel. Te veel aan mijn hoofd.

Echter, ik besef nu dat met de hand schrijven voor mij geen wedstrijd is. Met een pen op papier schrijven is voor mij intiemer, dan in een blog schrijven. Het is mijn vrijheid.
Daarom stelde ik uit en heb ik geen handgeschreven brief ingezonden? Toch is er een traantje.

 Of discrimineer ik mijzelf, omdat in andermans ogen zweverig schrijf. Doe ik daarom maar niet mee? Hm, als ik heel eerlijk ben dan weet ik dat ik nog lang niet goed genoeg schrijf.