woensdag 28 januari 2015

Opruimen



Mappen van jaren worden leger en geordend. Vuilniszakken voller. De oud-papierdoos eveneens. Sommige spullen gaan op een stapel om door te geven aan wie het wil hebben.
Nog vele mappen moeten doorgespit worden. Ik ontdek steeds meer. Onthouden Til: jaaropgaves zes jaar bewaren voor de belasting. De rest vijf jaar. Ik zoek in huis naar lege schoenendozen waar de oude administratie ingaat in plaats van de uit elkaar ploffende grote enveloppen.  Ik vind er slechts twee. Van verzekeringen hoeven slechts het contract plus de laatste polis bewaard worden. Dát scheelt veel map ruimte. Behalve misschien voor de ziektekostenverzekering.

Het klinkt heel simpel, maar wat héb ik er een moeite mee. Vandaag heb ik een kast leeggeruimd, de vloer van de kamer ligt vol met allerlei. Met een oude versleten lichtblauwe handdoek - uit de woonkamerkast - die ooit van mijn moeder was, zit ik een poos op de grond. Zoete memories. Mijn moeder is dichtbij. Handdoek wegdoen of niet? Kan ik het voor iets gebruiken? Poezebeest houdt mij gezelschap, geeft koppies en propt zich in een lege krakkemikkige doos. De oude afschriften uit 2002 en 2003 die erin zaten, behoren tot het verleden.

Een goed stukje vitrage dat in ons vorig huis -het gezinshuis - in de keuken hing, roept eveneens herinneringen op: mijn dochter die op de aanrecht zit en kijkt hoe ik kook. Zoonlief die er lol in had om maar te blijven afwassen. Onze gesprekken. Zo dierbaar. Maar ook hoorde ik er mijn ex-lief: nee jij kunt geen lekkere koffie zetten. Ik doe het wel.’ Of ‘ Nee, ik schilder de keuken wel, jij kunt dat niet.’ Ik relativeer en grijns. Over een poos zal ik toch de woonkamer eens gaan verven.

Associaties komen en gaan. 

Het stukje vitrage gaat in de zak met kleding voor de stichting Humanitas. Mooie herinneringen gaan in mijn hart.
Terwijl ik opruim maak ik voor de zoveelste keer een reis door het verleden. De borstkankerperiode komt voorbij, hoewel ik er dagelijks aan wordt herinnerd kan ik er nu afstand van nemen. Ga ik er ooit een boek over schrijven? Misschien verwerken in dat wat ik de laatste tijd aan het schrijven ben? Ik schiet weer in de huil en laat mijn tranen stromen, nu uit dankbaarheid dat ik door die periode kwam. In maart tien jaar schoon. Ik verscheur de hele map 2005 en weet dan opeens dat ik nog meer heb. Ik kom nog om in dagboeken elders in huis en dit Blog zou ook eens op de schop moeten. Trouwens, dit schrijfsel voelt aan alsof het richting lange lap tekst gaat. Echter, 850 woorden geef ik mijzelf als maximum vandaag. 

Een kordate vrouw zei vorige week: ‘waarom bewaren dat wat verdriet doet?’ Ik ben haar dankbaar voor deze zin want het maakt het opruimen letterlijk en figuurlijk gemakkelijker. Alsof er een click in mijn hoofd is. Ruimte om te ademen. Ik reis door mijn leven al wegdoend en reis de onbekende morgens die mij nog resten tegemoet. 


Verder ga ik met bekijken, aankijken. Huisdierencrematorium zie ik staan terwijl ik het papier verscheur. Mijn poezenbeestjes Woemel en Poekie gingen tegelijkertijd hemelen. Veertien en vijftien jaar waren ze. Mijn dochter was de maand ervoor uit huis gegaan. Weer komen mijn tranen, voorbij het verdriet ditmaal. Dankbaar, dat mijn kinderen het goed hebben en mijn poezenbeestjes zo lang in mijn leven mochten blijven. Ik herinner mij het telefoontje dat ik die dag van zoonlief kreeg. De zon ging, waar hij was, heel mooi schijnen door een regenbui heen en een regenboog verscheen op het moment dat mijn poezen de geest gaven. ’Het is goed, Mam.’ De papieren doe ik weg. Een briefje van mijn dochter van heel vroeger waarop staat waar ze is (was), bewaar ik. Te dierbaar. Toen zij het huis uit ging was het vreemd om geen briefjes meer te vinden of achter te laten waarop stond waar we waren. Het voelde zo afschuwelijk kaal. Tegenwoordig is er Whats app, sms en dagelijks belt mijn dochter mij en zie ik - wat een wonder toch - haar gezicht op Face Time. Zoonlief minder vaak. Gisteren  wel. Hij was in het ziekenhuis voor een controle die niet zo best uitviel. Binnenkort volgen meer onderzoeken.

Stukjes cadeaupapier, gestreken zoals mijn moeder dat deed. Ik kan het niet over mijn hart verkrijgen om ze weg te doen. Bij het oud papier? Deze mooie stukjes papier? Schoonheid. Als je - zoals ik - vlak na de Tweede Wereldoorlog geboren bent, dan krijg je mee zuinig te zijn met alles en niet te snel iets wegdoen. Het kan altijd nog van pas komen. Mijn vader had dit syndroom in hevige mate. Tja, en in deze wegwerpmaatschappij - zelfs van planten- kan het toch geen kwaad om dat wat goed is te bewaren. Trouwens, spullen roepen herinneringen op.
De stukjes gestreken papier gaan in een mooi cadeautasje, de lintjes ernaast in een ander gered doosje. Maar andere dingen hebben hun tijd bij mij gehad. Echter, de oude versleten, voor mij oh zo dierbare, handdoek van mijn moeder gaat … eveneens terug de kast in, bij de naaispullen. Daar lag hij al om versteld te worden, nu weer. Binnenkort ga ik het echt doen. Ik lach om mezelf.
Opruimen is een reis door het verleden, de toekomst in.

Ik ben onderweg.

Vandaag kijk of luister ik geen nieuws.

Geen opmerkingen: