woensdag 16 december 2015

Over mijn geboortedag, ouder worden, jarig zijn, mijn moeders trouwring en meer





Vandaag, zestien december, ben ik jarig en vier ik mijn geboortedag en het leven. Ik werd twee dagen te vroeg geboren. Achtenzestig jaar geleden. Wat klinkt dit oud, 68 jaar. Van binnen voel  ik  mij jonger dan toen ik een bakvis (lees: tiener) was, hoewel er dagen zijn dat ik mij stokoud voel. De uren, weken, maanden en jaren floepten voorbij sinds ik met pensioen ben. Absurd. Over twaalf jaar ben ik tachtig. Bejaard, Hoewel men zeventigers al bejaard noemt. Het voelt bizar. 

Tijd? Het eeuwige hier en nu. Tijdloos, alle gisterens zijn als gisteren. Rennen door een wei met mijn broertje, op een verlaten strand zijn met mijn lief en onze hond in de jaren zeventig  of de komst van onze kinderen het is als gisteren. Mooie en minder mooie herinneringen liggen voor het grijpen.


Alzheimer op de loer? Ik dacht het niet, wel is het raadzaam om steeds te beseffen  dat de klok ons kan helpen langs de tijdlijn van ons leven. De tijdlijn van ons bewustzijn en herinneringen kent geen tijd is mijn ervaring.
Ik ben blij dat je tegenwoordig niet meer gelijk een verzorgingshuis in moet als je familie denkt: ‘oh, ze doet haar huishouden of wat dan ook niet meer zoals het zou behoren. Zoals wíj het zouden willen.  Ze stoft niet meer zo vaak af. Tegen mij wordt ook al regelmatig gezegd: ’zou je niet gemakkelijker gaan wonen? In een flatje? In een plek waar winkels zijn? Die tuin is een klus.’ Lief bedoeld.

Laat mij mijn tuin hebben, dat is mijn paradijselijk plekje. Zonder tuin of wonen vlakbij de Natuur om mij heen verpieter ik. Weg van mijn vertrouwde plek met mijn diversiteit aan buren, eveneens.
 En heus, ik kijk om mij heen of ik kleiner kan wonen en sta ingeschreven bij een woningcorporatie. Toch zou ik als het even kan tot mijn overlijden in dit huis willen wonen. Mijn plek. Na een keer mijn arm en pols te hebben gebroken door glijpartij onder de douche, heb ik  aan preventie gedaan. Trapleuningen aan weerszijden. Een mandje aan een koord om mijn handen vrij te hebben bij de trap opgaan en wandbeugels in het toilet plus douche. Ik heb niet voor niets in de Zorg gewerkt. 

Met preventieve maatregelen nemen is niets mis mee, integendeel. Iedere dag in de buitenlucht bewegen is eveneens een voorkomen om een stijf ouder te worden, Wandelen, fietsen en … tegenwoordig op een fiks muziekje bewegend koken en de vaat doen, , strijken en ja soms ook stofzuigen doet het bloed stromen. Ja, gezond oud worden. We kunnen er meestal zelf iets aan doen.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Gedachten over mijn moeders trouwring, mijn ouders en mijzelf
Van de week vond ik opeens mijn moeders trouwring. Na de scheiding met mijn vader bleef ze hem dragen. Met de ring in de palm van mijn handen raakte het mij opeens intens te beseffen dat de datum die erin staat, bijna zeker weten de datum is  geweest dat ik verwekt ben. De trouwdatum van mijn ouders, achttien maart negentienhonderd en zevenenveertig.  Dát vind ik een ontiegelijke vreemde en intieme gewaarwording.

Ik vul in: Mijn vader waarschijnlijk angstig want zijn eerste vrouw was bij de bevalling van mijn oudste zus overleden. Mijn moeder’s eerste keer. Neem ik aan, want in die tijd werd je verondersteld niet te vrijen noch gemeenschap te hebben voor de eerste huwelijksnacht.
Echter, ze hadden elkaar lief en samen met mijn oudste zus vormden ze een gezinnetje van drie. Ik glimlach want eigenlijk was ik er als snel delende cel vanaf het begin  bij. Wonderlijk he? Niet te bevatten.

Ik heb mijn moeders trouwring een paar uur aan mijn ringvinger  gedragen, haar leven en dat van mijn vader ging aan mij voorbij. Hun leven samen vol lief en leed.
Daarna heb ik de ring onder lauw water schoongespoeld en in de zon opgeladen. De ring hangt aan een kettinkje om mijn nek. Ik hoef hem maar aan te raken of ik heb mijn ouders  in mijn  gedachten die vol liefde en vol vertrouwen hun toekomst ingingen.

De ring  schenkt mij -ja, ja magisch denken, niets mis mee- de kracht, liefde, hoop, moed, vreugde en verwachting die mijn ouders hadden op hun huwelijksdag (huwelucksdag), achttien maart negentienhonderdzevenenveertig. 

Vlak na de Tweede Wereldoorlog. Nieuw moment, nieuw begin.
De cellen in mijn lichaam dansen blij. Mijn ouders leven voort in mij. Ik had top ouders.  Ik glimlach, want zegt ieder kind dit niet?
Ondanks steeds meer rimpels en een niet meer zo strakke huid. Ondanks het feit dat ik  vijf centimeter gekrompen ben in het voorbije jaar, hoop ik dat men altijd mij kan zien. Zo niet, dan hoop ik dat ik het zelf kan en ik mijzelf bij mijn naam kan noemen.

Vanmiddag komt mijn verjaardagsvisite. Mijn oudste zus al eerder. Zaterdag had ik een voorproefje. Toen kwamen mijn jongste zus, zwager, neef en nicht. Beregezellig was het.

Gisteren heb ik alles al klaargezet en tien liter soep gemaakt. Zowat de hele dag aan het keutelen geweest.

Het feit dat ik mijn achtenzestigste verjaardag nog kan vieren, is niet vanzelfsprekend. Vandaag hoorde ik op het nieuws dat mensen zoals ik – die een borstamputatie hebben gehad- tot de 56,7 % overlevenden behoren na borstkanker. De koorpartij van de  negende symfonie van Beethoven zingt & danst door mij heen.

Ter ere van het leven dat ik vier schreef ik lekker deze lange lap tekst. Deze is al minder lang dan dat hij was. Ik doe mijn best:-D

Ik voel mij een rijk en dankbaar mens.

Geen opmerkingen: