donderdag 28 januari 2016

Mijn eerste Taalmaatje *




We zitten schuin naast elkaar, ieder aan een tafelkant.
Achter je ogen zie ik een wereld vol herinneringen, we peilen.
Daar gaan we dan, de diepte in van de Nederlandse Taal. Inburgeren,
ál dat andere komt op jouw tijd aan bod. Of niet.

Nu wil je anders. Je toekomst in
vol met hernieuwde dromen. 

Leren, leren, leren. Ieder moment,
ieder woord zuig je op als een spons. Je schrijft en spreekt het uit.
We spreken over de betekenis, belanden in een zijstraat
associaties en praten verder in woord en gebaar. Keren weer terug.
Alles is leren. Gebaren doe je na. Dát vind ik confronterend. Het woordje
lief kan ik niet goed uitleggen, mijn handen proberen het. Opeens is mijn gebaar ervoor jouw gebaar.
Bizar en lief, dát wel. (Echter, het kan ook als knus worden uitgelegd.)
De verantwoordelijkheid voor wat ik je aanleer, meegeef en voordoe voelt groot.
Ons beider inzet is ook groot. Af en toe glipt er een Engels woord tussendoor. Wij proberen zonder en bijten ons vast in het Nederlands spreken.

Jij, leergierige jonge man, die qua leeftijd mijn zoon zou kunnen zijn,
ik bewonder je moed en doorzettingsvermogen
die je tot hier brachten.(bij mij die als een speer haar Taalachterstand
op het gebied van de Nederlandse grammatica aan het inhalen is.)
Open is je blik nu. Weer kijken wij elkaar aan op deze plek die wij vullen met motivatie, hoop en vertrouwen,
onderweg naar je geboorte als Nederlander.


Dank je wel, taalmaatje dat ik je taalcoach mag zijn.