maandag 15 februari 2016

Tips voor taalcoaches





‘Ben je flexibel?’ vroeg de coördinator-inburgering mij.

‘Ja,’ antwoordde ik voorzichtig.  Al heb ik structuur nodig, een enkele keer van taalkoppeldag veranderen en omschakelen moet kunnen.


Echter, het is nogal ingewikkeld om de afspraken met mijn taalmaatje kloppend te maken. Hoppa.Weg structuur, weg de controle op mijn weekritme. Ik leer weer flexibel te zijn zoals ik in mijn werk was, net zoals toen zijn er in mijn agenda veel  doorstrepingen voor mijn doen. Dat moet anders. Deze taalcoach leert op alle facetten, want structuur mág. Constant schakelen/ omschakelen is onrustig voor beide partijen vooral als er sowieso veel nieuw te leren valt voor ons beiden.




Tip 1: (je taalmaatje spreekt summier Nederlands? ) Als je duidelijke afspraken wilt maken schakel dan -is my humble opinion- gelijk tijdelijk over op Frans, Duits, Engels of een andere taal die hij of zij hopelijk spreekt. Zelf heb ik wat Arabische woordjes geleerd. (De dagen van de week met daarbij een paar woorden zoals morgen en gisteren.) Ik was zo koppig om vanaf het begin alleen Nederlands te willen spreken met mijn taalmaatje. Echter, voor het maken van afspraken vind ik dat je best even een andere taal mag gebruiken. Toch? 


Tip 2: Het is handig om, nadat je je aan elkaar hebt voorgesteld,  als eerste te vragen: ‘wanneer heb je klas? Heb je op die dag klas?’ Ja dus. Doch ik was vergeten dóor te vragen of hij op de andere dagen ook klas heeft. Het gevolg was een gemiste afspraak,omdat nee zeggen in sommige culturen niet beleefd is.

Ondertussen heeft mijn taalmaatje drie dagen les in de inburgeringsklas. Daardoor kon ik niet op de door hém voorgestelde dag. Ook ik heb mijn afspraken. Op de door mij vrijgehouden dag kan taalmaatje niet. Verwarring alom. Hij begreep niet dat ik niet kon. Inburgeren valt nog niet mee. Frustratie voor beide partijen, want wij willen er voor gaan. Ondertussen zijn wij drie weken verder, zonder afspraak. 


Tip 3: Geef duidelijk aan dat nee zeggen mag. Doch niet elke keer, want vorige week zei taalmaatje af. Ik was vergeten om bij de koppeling te spreken over duidelijkheid.

Dat er iets tussen kan komen is logisch.


Tip 4: Als je een Blog hebt waar je af en toe zelfbedachte woorden gebruikt (bijvoorbeeld: gedichtsel, gedichtselachtigheidje of schilderachtigheid en dergelijke) hoop dan dat je taalmaatje je Blog nooit zal vinden, noch jou zal herkennen. Laat het bedenken van woorden voorlopig over -of niet- aan de mensen die nieuwe bedenken. Wie zijn die mensen???



Tip 5: Concentreer je eerst op je eigen kennis van de Nederlandse grammatica (als je in je jeugd niet de hele Lagere School -de oude Basisschool -periode in Nederland hebt doorgebracht) en niet zoals ik er een maand van te voren mee beginnen. Al ben ik geen docent, dan nog wil ik antwoord kunnen geven op zijn vragen waarom iets is zoals het is in de Nederlandse Taal (zoals hij het als huiswerk krijgt.)

Maar ja, er zijn ook anderstaligen die taalcoach zijn. Waarschijnlijk moet het niet? Daar is klas voor? 

Kortom … humor en flexibiliteit kunnen je redden. 

Tip 6: W.s. een goede tip.
Zelf kocht ik het van Dale Beeldwoordenboek van de Nederlandse Taal. Ik ben benieuwd of taalmaatje en ik beter zullen kunnen communiceren. Van de week neem ik het mee. Leuk ook voor Nederlandse kinderen.

Tip 7: Betreffende mijn telefoonnummer was ik in de veronderstelling dat taalmaatje dit voor zichzelf zou houden. Mispoes. Dat doorgeven van mijn nummer (al was het slechts éen keer) vind ik zeer onprettig. In het begin hier duidelijk over zijn is mijn tip.



PS: verder houd ik mij voorlopig koest met over mijn ervaringen als taalcoach te schrijven, Ook omdat ik niet zeker weet of het mag. Ik probeer hier geenszins in te vullen hoe een andere coach het zou moeten doen. Integendeel, doch wellicht dat sommige tips van nut zijn?

Ieder taalkoppel zal zelf  moeten zien uit te vinden hoe de weg van zijn of haar inburgering verloopt. Ieder taalkoppel is uniek. Langzamerhand begin ik te begrijpen waarom inburgeren soms niet snel gaat. Tegen iedereen die hier aanmerkingen/kritiek over heeft én het beter weet zou ik willen zeggen: wat let je om er vooral zelf iets aan te doen door op een positieve manier te helpen? Bijvoorbeeld door je aan te melden als taalcoach, klassenassistent, maatschappelijk coach of anderszins vrijwilliger/medemens bij Vluchtelingenwerk? Is dat wat?

Ondertussen kijk ik reikhalzend uit naar de eerstvolgende bijeenkomst voor taalcoaches. 


Geen opmerkingen: