vrijdag 5 augustus 2016

De Fluisterboot*



De fluisterboot
snijdt bijna geluidloos
door het stille, nagenoeg rimpelloze water
spattende regendruppels scheppen kringen
groot en klein.
Sporen van  meerkoeten, eenden  en de boot.
De oevers tonen voorbijglijdend  een prachtige, diversiteit 
in vele tinten  groen, vegetatie in een zwaaiend bewegen.
Broedplaatsen voor vogels, geen mens die er komt,
behalve in het water
de boot vol cursisten inburgering,
geen school nu, maar vakantie.
Zacht wordt er gepraat vanonder
opgestoken plu’s en plastic vuilniszakken
Het miezert en af en toe hoost het.
Wij hebben het kkkoud en zijn kletskleddernat.
Maar toch is het… vredig, stil en veilig.

Vrijheid is.



‘Zo anders’ fluistert een man ‘dan boot met zevenhonderd mensen op zee.’ 
Een groter contrast is er niet. Ik kijk rond en probeer gezichten die niet bedekt zijn door plu’s te peilen.
Beamend gebrom is de reactie van een paar mensen waarvan even niets is af te lezen.
De lieve vrouw in boerka pinkt een paar tranen weg.
‘Wilt u dat ik naast u kom zitten?’ vraag ik haar gebarend. Ze kijkt mij aan, schudt nee, wendt haar hoofd af  en vangt met haar hand op een intens tedere wijze een regendruppel die aan éen de uiteinden van de plu voor haar hangt.
Aandachtig bekijkt zij de druppel en likt  hem vervolgens langzaam op . Slikt hem door, net als haar tranen. Ze voelt dat ik nog steeds  kijk, we vangen elkaars blik, ik buig mijn hoofd en leg mijn hand op mijn hart in een stille groet.
Bij het uitstappen pakt ze even mijn hand vast. Wij kijken elkaar aan, ik schiet vol. Dan legt ze in een troostend, meelevend gebaar haar hand op mijn schouder. Zij troost mij? Zij kijkt mij een tel diep in de ogen. ‘ Is goed,’ zegt ze zacht maar met ernstige ogen.‘Ik blij.’
Dan  glimlacht zij mij geruststellend toe, ik glimlach, wij glimlachen. 

Het miezert, af en toe hoost het.
Wij hebben het kkkoud en zijn kletskleddernat.  
Maar toch … het is vredig, stil en wij zijn veilig.
Vrijheid is.  
Stil lopen we als groep in de stortregen terug naar school. Hooguit een kwartier … dan zetten we thee en koffie. Warmen op.
Vervolgens gaat ieder zijns weegs, naar huis. 
Thuis?

Thuis is niet vanzelfsprekend.

Thuisgekomen neem ik dankbaar een lange, mij
koesterende uitgebreide douche.
Thuis.
Na de douche trek ik meteen mijn meest comfortabele pyjama, geitenwollen sokken en een fleecetrui aan. Mijn artrose heupen doen pijn en ik ben nog stijf van de kou. Klaag ík, na het lopen in de regen en een paar uur stil zitten in een fluisterboot? Ik, die geen twee dagen en nachten staand en leunend tegen anderen in een volle boot angstig en koud op de Middellandse Zee dobberde? Ik, die geen dagen, weken, maanden heb moeten reizen cq vluchten, om ergens in een land ver weg van het thuisland asiel aan te vragen. Hm. Nee.
Daarentegen, wat hebben deze -en zij zijn de enige niet- mensen veel ontberingen moeten doorstaan. Respect!


Ik tel mijn zegeningen en ben dankbaar, dankbaar voor deze prachtige dag met  bijzonder mooie, vriendelijke, beleefde mensen met een doorzettingsvermogen waar we u tegen kunnen zeggen.

Geen opmerkingen: