zondag 18 september 2016

Ze moeten sneller inburgeren?




Soms verval ik in herhaling. Dat geeft niets. Het kan niet vaak genoeg gezegd worden dat een cursist inburgering die analfabeet is, dit meestal niet is zoals westerse analfabeten die nog niet kunnen lezen en schrijven. Veel statushouders (mensen die de status vluchteling hebben gekregen en daardoor een verblijfsvergunning) beheersen in de taal van het land waar ze werden geboren lettertekens en kunnen in die taal lezen en schrijven. Denk bijvoorbeeld aan het Arabisch en het Chinees. Zouden wij die vele letters en lettertekens éen, twee, drie herkennen? Laat staan schrijven? Ik zou dat niet snel, snel kunnen.U wel? Ook Griekse en Russische  letters zijn net zo ingewikkeld voor een Nederlander, als onze taal voor een cursist inburgering is.


De vrouw van mijn taalmaatje maakt zich het alfabet in korte tijd eigen. Minder letters dan haar moedertaal heeft, vindt zij gemakkelijk te onthouden.
Afgelopen woensdag kwamen ‘mijn’ inburgeraars weer bij mij. Met het tropische weer was het in het schaduwrijke gedeelte van mijn tuin zeer aangenaam. Gezellig ook.

Inburgeren door middel van taalcoachen gaat meestal – althans bij mijn taalmaatjes en mij – van de hak op de tak. We próberen structuur te houden. Maar het kan zomaar gebeuren dat we via bijvoorbeeld het Nederlandse Onderwijsstelsel en Staatsinrichting, waar ik mij peentjes bij zweet om het met handen en voeten uit te leggen en wat na heel veel woorden via Google vertaal pas begrepen wordt, wij terecht komen bij een vraag van mijn taalmaatje -in het kader van Nederlanders zijn vrij direct in hun uitspraken -of ik mee wil om een bed te kopen. Ze zijn door het bed gezakt. Hilariteit alom.
Dan probeer ik erachter te komen wat voor bed het echtpaar wil en begin ik met het tekenen van een lattenbodem en uit te leggen wat dat is. Geen spiraal.
Via de telefoon (ook zoiets ingewikkeld om uit te duiden hoe een dergelijk gesprek gaat, dus ...doe ik voor het gemak voor. Dit mag niet te vaak.) krijgen wij van een meubelzaak te horen dat bijna nergens een lattenbodem bij zit. Goedkopere bedden?Ja, op rommelmarkten. Zonder auto is dat een brug te ver, je kunt moeilijk het bed op je rug mee in de bus nemen.Even uitleggen wat een brug te ver is, neemt eveneens enige tijd in beslag. Wij krijgen de slappe lach, doch één van de buren roept streng: ‘Ze moeten écht beter inburgeren.’ Ik krijg dan blazende kat neigingen, want we kunnen niet meer dan wat we op dat moment kunnen. Deels is het energie gevend omdat mijn taalmaatjes zo gemotiveerd zijn, anderzijds kan het ook  zeer vermoeiend en frustrerend zijn als we slechts een paar onderwerpen per keer hebben kunnen behandelen. Op een gegeven moment kan ik niets meer uitleggen en zij nemen niets meer in zich op. Dan stoppen we. Echter, we inburgeren ons alle drie het apenkriek*. Keer op keer weer.

Dus, als er een beterweter zegt: ZE moeten écht beter inburgeren of … ZE moeten sneller inburgeren. Dan zeg ik: Be my guest en help mee inburgeren opdat deze goedwillende mensen sneller kunnen integreren.
Of (idee:-)) ga eerst een poosje in een buitenland wonen en leer daar de taal, de regels, de normen, de waarden en al wat er bij komt kijken. Bijvoorbeeld het uitleggen wat het verschil is tussen een termijn bedrag en een maandbedrag bij een energiebedrijf is al een flinke uitdaging.
In sommige zaken moet ik me ook eerst verdiepen. Hoe ouder ik word, hoe meer de taal op formulieren acadabra voor mij is en daar ben ik allergisch voor. Moeilijk om dit via 'mijn acadabra' in goed Nederlands begrijpelijk over te brengen.
Kortom … ik vind helpen bij het inburgeren als taalmaatje heel motiverend, doch tevens is het een serieuze zaak want over een paar maanden doet de mannelijke helft van het echtpaar het basisexamen  inburgering. Hij moet, wil en zal het dipoma zo graag behalen. Nog zo veel moet hij weten. Maar we kúnnen niet sneller.
Nu hebben wij het voornamelijk over het dagelijkse leven, maar voorlopig ben ik nog steeds de enige Nederlander bij wie mijn taalmaatjes in huis en tuin komen. Dat vind ik intens triest want hoe kun je dan ooit in onze samenleving integreren. Er een deel van worden?
Dus … inburgeren we ons suf. Echter, meer dan ons best kunnen wij niet doen. Inburgeren is ook wensen dat Nederlanders niet langs de zijlijn staan met: ZE moeten beter en sneller inburgeren en integreren. Want de inburgeraar wil niets liever dan opgenomen worden in onze maatschappij. Geen buitenstaander willen zijn. Uit ervaring weet ik hoe naar dat kan zijn.

Daarom is in-burgeren ook: Als Nederlander je hart  openen, met vriendelijke ogen naar de nieuwkomers kijken, want wat lijkt het mij afschuwelijk als je uit je vaderland móet vluchten. Begrijpen dat deze meestal vriendelijke, dappere en respectvolle mensen heel graag onderdeel van onze samenleving willen worden. De Overheid zegt dat de inburgeraars beter hun best moeten doen en zelf initiatieven moeten ontplooien. Echter, dat doen ze al, dag na dag na dag.. Alsjeblieft. Stel jezelf voor in die situatie. Sneller inburgeren? Oké, help je mee?

Je hart openen is actief donorschap tijdens ons leven. Nederland is vol …met gastvrijheid van mensen die vluchtelingen een warm hart toedragen, ieder op zijn en haar eigen manier, voorbij nare vooroordelen en generaliseren. Vriendelijk zijn is een vorm van gastvrijheid.

*google zegt apekriek. Google blogger zegt apenkriek. Tja.

2 opmerkingen:

Anoniem zei

Dit is een mooi pleidooi, Tilly, waarmee je een kant laat zien van het inburgeren, waaraan meestal niet direct wordt gedacht.
Het is waar dat aan werkelijk inburgeren wij, Nederlanders, een belangrijke bijdrage kunnen leveren: juist door onze harten en onze huizen te openen geven we de inburgeraars een kans om daadwerkelijk stap voor stap ingeburgerd te geraken en om onze taal goed te leren spreken en verstaan.
We duimen voor 'jouw' taalmaatjes dat ze slagen!

Met veel respect voor wat jij doet en voor de manier waarop!
Liefs en veel succes, Renée

Tilly Kuiper zei

Dank je wel, Renée, voor je support.